Leren van de concurrentiestrijd van bomen

Ik ben er klaar mee. Volledig klaar mee. En ik ben niet de enige. De laatste dagen zie ik steeds meer berichten voorbij komen van mensen die het zat zijn en niet langer mee doen. Aan de opgelegde druk van de maatschappij. Alles moet mooi, aansprekend, verleidelijk en succesvol zijn. En om dat voor elkaar te krijgen, kijk je continu de kunst af bij een ander, vergelijk je in hoeverre je beter bent dan de buurvrouw en gun je elkaar eigenlijk het licht in de ogen niet. Pure concurrentiestrijd om de mooiste en beste plaatsen in het leven. Ik word er niet gelukkig van en, zo te zien, heel veel anderen ook niet.

Concurreren naar het licht

Gisteravond had ik weer cursus. We kregen tijdens de IVN natuurgidsenopleiding les over planten en bomen. Tot voor kort vond ik ‘het wel interessant’, maar de laatste tijd krijg ik steeds meer met planten. Want ik heb ontdekt hoe ongelooflijk geniaal dat plantenrijk in elkaar zit. Hoewel ik nog maar een fractie ervan begrijp en zie, ben ik enorm onder de indruk.

Planten en bomen kennen ook de concurrentiestrijd waar wij mensen zo druk mee zijn. Er is dus eigenlijk niets nieuws onder de zon. Als je aandachtig wandelt in de natuur kun je het zien. Net als wij, willen bomen bijvoorbeeld in het licht staan. Ze hebben dat licht nodig. Het geeft ze de broodnodige voeding om te kunnen leven en groeien. Om bij dat licht te komen, wringen ze zich in allerlei bochten, spreiden hun takken steeds wijder uit als dat nodig is. Of ze zorgen dat ze sneller groeien en hóger, zodat ze dichter bij de zon zijn en de meeste zonnestralen zullen opvangen met hun bladeren.

Het statige beukenbos

Beuken zijn er bijvoorbeeld kanjers in. Je kunt er prachtige lanen door krijgen, met van die statige hoge beuken, die hun kronen naar het licht uitstrekken. Het nadeel is wel, dat die beuken bijna alle andere planten en bomen wegconcurreren. Er blijft voor anderen geen licht over. Heb je het wel eens gezien? In een beukenbos is weinig andere begroeiing onder de bomen te vinden, toch?

Ik heb het wel eens ervaren en jij misschien ook wel. Dat anderen maar steeds alle aandacht opslokken en er voor jou niets overblijft. Wat een rotgevoel kan dat geven! We hebben allemaal licht nodig, aandacht, bevestiging en ruimte om te kunnen leven en groeien. Terwijl er in je omgeving misschien mensen zijn die je die ruimte niet gunnen. En dan kun je zomaar verstikken of verdorren.

Zou het ook anders kunnen? Of zit het nou eenmaal in de natuur dat de sterkste altijd overwint? Krijgt degene met de grootste mond altijd gelijk?

Beuken versus eiken

Ik heb twee voorbeelden uit het bos die een ander beeld laten zien. Het beukenbos laten we even achter ons en nu verplaatsen we ons naar een eikenbos. Eiken zijn hele andere bomen dan de statige beuken. Ze zijn dromeriger, misschien zelfs sprookjesachtig. Geen gladde stammen meer, bladeren met slingerende vormen. Totaal anders. Het hele eikenbos ademt een andere sfeer.

Onder de eiken groeit en bloeit het leven volop. Eiken laten namelijk veel meer licht door dan beuken. Ze groeien óók naar het licht toe en gaan daarin zeker de concurrentie met de buren aan. Maar minder ten koste van de omgeving. Er blijft voldoende licht over voor anderen om ook te ontkiemen en zich te ontplooien. Nou, dat lijkt al anders, nietwaar?

Een samenwerkingsverbond

Het allermooiste voorbeeld zag ik voor het eerst bewust bij een groepje lindes. Een boswachter wees me daar eens op. Vanuit de verte leken drie verschillende bomen één grote lindeboom te vormen. Aan de binnenkant hadden ze namelijk geen takken ontwikkeld, maar naar buiten wel. Ze zijn samen naar het licht gegroeid en hebben elkaar de ruimte gelaten. Zo op het oog leek het net of ze elkaar steunden en waarschijnlijk is dat ook zo. Als er in een dergelijke samenwerking één boom sneuvelt, krijgen de anderen het daarna extra moeilijk. Ze zijn niet bestand tegen de weersinvloeden, zoals een hevige storm.

Ook bij andere bomen kun je zo’n samenwerking goed zien. In mijn vaste wandelgebied zijn tijdens een storm drie van een rijtje van vier grote en oude beuken omgewaaid. Er is slechts één beuk blijven staan. Maar die staat nu wel vol in de zon met zijn gladde bast. Of die het nu nog redt, is maar de vraag. De bast van een beuk is namelijk erg kwetsbaar, daarom dekt een beuk zijn stam altijd af met lange takken vol bladeren. Zo kan de boom volop het licht van de zon opvangen én tegelijk de bast tegen de sterke zonnestraling beschermen. Anders zou de boom verbranden en afsterven. Deze boom hoefde dat niet te doen, want die rekende op zijn buren, die de zijkant met hun takken hadden afgedekt.

Zo’n samenwerking is toch eigenlijk prachtig. Want in de regel worden de bomen sterk en groot door samen op te trekken. Niet ondanks de ander, maar dankzij een betrouwbare partner. Op die manier samen groeien naar het licht, elkaar steunend en aanvullend, daar kunnen we als mensen een goed voorbeeld aan nemen…

Langzame groei

Nog één ding: gisteren hoorde ik ook dat bomen die langzaam groeien, véél ouder worden. Dus al dat licht is wel mooi en levert veel op natuurlijk. Maar het betekent ook dat je hard en snel moet groeien, veel energie gebruiken dus, om maar boven de rest uit te stijgen en de anderen te snel af te zijn. En dat gaat ten koste van een lange levensduur. Voor bomen dan.

Maar laten we wel wezen, zou het voor mensen zoveel anders zijn? Jezelf steeds maar weer moeten bewijzen, elke keer vergelijken met anderen en aan hoge verwachtingen voldoen; het levert bakken vol met stress op. Daar wordt niemand beter van. Niet voor niets zie ik dat er steeds meer mensen onder díé druk bezwijken. Er is niets mis mee om af en toe pas op de plaats te maken of om even onzichtbaar of onbereikbaar te zijn. We hoeven niet altijd ‘aan’ te staan en te doen of alles goed en geweldig is in ons leven.

Voor groei heb je niet alleen aandacht en zichtbaarheid nodig namelijk. Ook bomen groeien niet alleen op licht. Soms moet er even rust en stilstand zijn. Er is een samenspel tussen licht en water en andere stoffen die samen de voeding voor de boom leveren. En zo hebben wij mensen ook meer nodig om gevoed te worden. Ook al ben ik een snelle denker en snak ik soms naar actie, ik houd ook wel van langzame groei. Dan kan er vaak iets heel moois ontstaan, met diepe en stevige wortels en een hoge duurzaamheid. Zowel in de natuur als in je eigen leven!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.