Archief

Column: Ademruimte

ademruimte

Afgelopen week viel het me weer op tijdens een wandeling: ik liep vanaf het begin te hijgen en lopen en praten ging maar moeizaam. Alsof ik steeds adem tekort had. En ja, ik wéét dat ik wat overgewicht heb, maar mijn conditie is prima. Ik wandel veel, dus daar kan het niet aan liggen. Waar het wel aan ligt, weet ik inmiddels ook. Het is een herkenbaar signaal voor me: ik ben té druk!

Misschien herken je het gevoel: een gejaagdheid die je maar vooruit duwt, omdat het moet. Er moet nog zoveel gebeuren. Je rent van hier naar daar en je wéét wel dat je moe bent en even uit moet rusten. Er is simpelweg geen tijd voor! Dus je gaat door.

Ondertussen blijven er ook nog taken liggen. De was stapelt op. Die ene klus in huis is nog steeds niet gedaan. Je zou nog op de koffie bij de buurvrouw, maar daar kom je ook niet aan toe. Die klant die nog op een antwoord wacht, de mailbox die volstroomt en die je maar niet leeg krijgt. Inderdaad, geen tijd om te stoppen. Er zitten maar 24 uur in een dag en dat is veel te weinig.

Heb je wel eens gemerkt wat dat fysiek met je doet? Schouders die vast komen te zitten. Een hartslag die als een sneltrein hamert. Fronsende wenkbrauwen die, als ze lang genoeg blijven fronsen, voor een daverende hoofdpijn kunnen zorgen. Een ademhaling die gejaagd wordt, omdat je lichaam in een renstand blijft. Zere armen en benen vanwege de voortdurende hoogspanning waar ze onder staan. Ik kan nog even doorgaan… Wat een rotgevoel hè? Dát zijn de klachten waar jij last van hebt, als je door blijft gaan en je agenda (of die van anderen) je leven bepaalt.

Jouw omgeving ervaart jouw gebrek aan ontspanning ook: een simpele vraag wordt beantwoord met een snauw. Een gezellig uitje wordt verstoord door jouw kritische gemopper (als ze je al meekrijgen). Samen wandelen op zondag is er niet bij, want ze krijgen jou als je ein-de-lijk eens zit met geen mogelijkheid meer mee! En afdrogen zonder handdoeken (wanneer had je die ooit moeten wassen?) is best lastig. In de auto val je woedend uit als je voorganger te laat optrekt voor het verkeerslicht. En die klant blijft met z’n probleem zitten.

Misschien wat overtrokken. Maar je begrijpt wat ik bedoel. Herken je het? Ik in ieder geval wel. En bovenstaande signalen wil ik nog wel eens naast me neer leggen. Maar ga ik wandelen, om tot rust te komen en ik loop als een hijgend trekpaard rond, dan weet ik genoeg. Dan ben ik al te laat. En het enige wat ik dan kan doen, terwijl mijn agenda overvol kan zijn, is nog méér wandelen. Of beter: langer en minder wandelen.

Ja, dat klinkt gek natuurlijk. Even uitleggen. Als ik in het bos ben en mijn hoofd is overvol, dan ren ik als een kip zonder kop het bos door. Ik zie niks, ik hoor niks, ik ruik niks. En hijgend kom ik thuis. De route die ik in gedachten had, heb ik in een halfuur afgerend. Dat levert mij geen rust op. Maar neem ik de tijd, sta ik regelmatig stil, kijk ik bewúst om me heen en benoem ik in gedachten wat ik zie, dan rust ik wél uit!

ademruimte

Wat is het effect? Door mij te richten op mijn omgeving en mijn hoofd te vullen met wat ik zie en hoor en ruik en voel, is er geen ruimte meer voor mijn zorgen, to-do-lijstjes en wat nog meer. Mijn lichaam komt in een andere stand terecht. Letterlijk. Mijn hersenen geven een ander signaal door aan mijn spieren. Ze gaan ontspannen. Daardoor ontstaat er meer ruimte in mijn borstkas, want mijn schouders staan niet meer opgetrokken omhoog en naar voren. Ik kan herademen. De gejaagdheid verdwijnt. Ik loop met aandacht, rustig, (bijna) mediterend door het bos. Daardoor voel ik me opgeruimd (mooi woord is dat!) en kan ik genieten.

Als ik lang over mijn grenzen ben gegaan en geen tijd genomen heb om mijn emoties en de prikkels van het leven te verwerken, heb ik niet genoeg aan één zo’n wandeling. Hoe meer ik van mezelf gevraagd heb en aan mijzelf voorbij gegaan ben, hoe meer hersteltijd ik nodig heb. En soms moeten andere mij eerst een spiegel voorhouden voor ik daaraan toegeef. Wellicht herken je dat ook. Daarom is het zo belangrijk om te leren dit gevoel voor te zijn. En daarom doe ik aan preventie. Heel bewust plan ik de wandelingen in. Dagelijks als het maar even kan. Om te voorkomen dat ik weer achter adem ben, me rot voel en de mensen om me heen ook een rotgevoel bezorg.

Wat levert het op? Ademruimte! Ontspanning, inspiratie, evenwicht (letterlijk én figuurlijk: bij ademtekort kun je duizelig worden). Ik ben een prettiger mens om mee om te gaan, ik heb meer aandacht voor mens en werk. Ik krijg meer gedaan in minder tijd (ook heel fijn als je agenda overvol is!). En ik ben creatiever. En nog veel meer! De vicieuze cirkel is doorbroken.

Dat wil jij toch ook? Dus… wandel je mee?

Column: Gezonde waakzaamheid

Ik weet niet hoe het jullie vergaat, maar nu de coronabesmettingen in Nederland weer stijgen, merk ik bij mezelf een verhoogde waakzaamheid. Wat best logisch is. Maar blijkbaar was ik toch mijn eerste alertheid gaandeweg kwijtgeraakt. Dat is ook hoe de mens in elkaar zit. Bij dreiging worden we waakzaam, op onze hoede. Maar dat houd je niet eeuwig vol, dat verslapt ook weer. Tenminste… als het goed is wel!

Wat ik bij mezelf merk, is dat er weer iets van angst in mij sluipt. Ik begin me weer meer zorgen te maken. Om mijn gezondheid, de gezondheid van mijn dierbaren. Maar ook over de onzekerheid van inkomen, werk, mogelijke maatregelen. Wat staat ons in deze tweede golf te wachten?

We hebben geleerd van onze eerste ervaringen. Dat kan ontspanning geven: we weten wat we kunnen verwachten en kunnen ons wellicht al iets voorbereiden. Tegelijkertijd kunnen dezelfde ervaringen ook onze angsten vergroten. Wat als…?

Uit ervaring weet ik dat de angst mijn leven kan gaan beheersen en mijn lichaam en denken kan gaan overnemen. Mijn lichaam reageert op de angstige gevoelens en gedachten en wil continu ‘aan’ staan. Op mijn hoede, alert, waakzaam. Dat betekent gespannen spieren, klaar om in actie te komen. Een verhoogde hartslag, meer adrenaline… mijn hele lijf in verhoogde staat van paraatheid. Het is goed dat ons lichaam zo functioneert en reageert op dreigend gevaar. Het helpt ons overleven wanneer dat nodig is.

Maar wat als deze staat van paraatheid te lang duurt? Als je dag en nacht bezig bent met naderend gevaar? Je blijft piekeren en de slaap wil niet komen. Dus rust je niet meer uit. Je voelt je gejaagd, onrustig. Daarnaast wordt je concentratie minder, je reageert prikkelbaar op de mensen om je heen. Je ontwikkelt spierpijn, omdat je lichaam continu op scherp staat. Zo kan ik nog wel even door gaan…

Je begrijpt: dit gaat ten koste van je rust, je gezondheid, je weerstand. Terwijl je die nu juist zo hard nodig hebt om je daadwerkelijk te weren tegen een ziekte als COVID-19. Voor zover je daar al invloed op kunt uitoefenen.

Wat mij tijdens de ‘eerst golf’ geholpen heeft, was om veel te gaan wandelen. De rust zoeken in het bos en op de hei. De natuur ging gewoon haar gang, alsof er helemaal geen crisis in de wereld was. Dat kalmeerde me. Plaatste de hele coronacrisis in een ander perspectief. Was het daarmee opgelost? Welnee. De zorgen om mogelijke besmetting voor mijzelf of mijn dierbaren zijn er nog steeds. De vragen rondom de onzekerheid van de toekomst zijn ook niet weg. Maar door mijn wandelingen komen mijn gedachten tot rust en kan ik lichamelijk ontspannen. Ik hoef dan even niet alert te zijn. Daardoor laad ik op. Dát verhoogt mijn draagkracht en versterkt mijn concentratie en aandacht op de momenten dat ik dat echt nodig heb. En dus kan ik de crisis mét haar zorgen en vragen beter het hoofd bieden.

Ik zou zeggen, zeker nu: probeer het uit! En als je er hulp bij nodig hebt, aarzel dan niet, maar vraag erom!


Column: Zoek eerst de stilte…

Afgelopen zaterdag had ik eindelijk weer eens tijd voor een wandeling alleen, in de natuur. Als altijd had ik mijn camera meegenomen, maar wat een schrik: ik had mijn geheugenkaartje thuis laten liggen! Ik kon geen foto’s maken deze keer. Maar wat een zégen was dat: ik was minder afgeleid door mijn omgeving, om dat ene mooie plaatje te schieten. Mijn wandeling werd een blik in mijn eigen hart en mijn gedachten kwamen en gingen als vanzelf.

Wellicht herken je er iets van. Dat je hoofd zó vol zit met regeldingen die nog gedaan moeten worden. Dat je jezelf eigenlijk de rust niet gunt om te gaan zitten, of zelfs een dag of dagdeel ‘niets’ te doen. Want er is genoeg te doen en als jíj het niet doet, wie dan wel? Je voelt je verantwoordelijk of misschien zelfs schuldig en dus ga je maar door…

Het overkwam mij de laatste tijd ook en niet voor het eerst. Ik heb de afgelopen jaren de gewoonte om regelmatig op retraite te gaan naar een Trappistenklooster. Die tijd in stilte gebruik ik om tot rust te komen en stil te staan bij waar ik me bevind op mijn levenspad. Het houdt me in contact met mijzelf, met God én op de juiste koers voor mijn leven. Maar door de coronatijd kwam het er de laatste maanden niet van. En met open ogen tuimel ik dan weer in de bekende valkuil: ik blijf doorgaan, vergeet die essentiële tijd en voor ik het weet ben ik onrustig, te druk en weet ik niet eens meer precies waar ik mee bezig ben.

Dat alles ontdekte ik op mijn stiltewandeling. Op het moment dat ik stil word en de drukte van het leven om mij heen wegvalt, dan komt er ook ruimte voor Gods Stem in mijn leven. Tijdens deze wandeling was dat in de vorm van de Bijbelwoorden van psalm 127 die ineens door me heen gingen:

“Als de Heer het huis niet bouwt,
vergeefs zwoegen de bouwers;
als de Heer de stad niet bewaakt,
vergeefs doet de wachter de ronde.
vergeefs is het dat je vroeg opstaat,
je laat te ruste legt,
je aftobt voor wat brood –
Hij heeft het zijn lieveling in de slaap.”

Psalm 127 NBV

Het was zo’n “oh ja”-moment. Dat is waar ook! Eerst stil worden, eerst de tijd voor ontmoeting en relatie met God. Als ik Hem niet bij mijn werk en leven betrek, dan blijf ik tobben, piekeren, zwoegen. Dan maak ik lange dagen en heb ik weinig rust. Het kan zoveel ontspanning geven, te weten dat niet alles van jóú afhangt!

En als je nou geen christen bent of niet in (een) God gelooft? Dan nog is stilte zoeken een heel goed idee! Het helpt je om contact te maken met jezelf en te erkennen wat er in je hart leeft. En van daaruit kun je gaan bouwen. Aan je werk, je gezin, je relaties. Dan ontstaat er ruimte voor groei en echte aandacht voor elkaar en voor het leven.

Herken jij dat? Die onrust, dat altijd druk zijn? Mijn advies: meer wandelen in stilte. Enne… je mag met me mee!


Reacties zijn gesloten.